Kolom 1
Kolom 2
Kolom 3
Kolom 4
100

WENS: deze week koffie drinken

Ik zou deze week koffie willen drinken.

Ik zou graag deze week koffie drinken.

100

VOORSTEL: volgende week naar de bibliotheek gaan?

Zullen we volgende week naar de bibliotheek gaan?

100

VOORSTEL: samen huiswerk maken

Zullen we samen huiswerk maken?

100

VOORSTEL: morgen samen de trein nemen

Zullen we morgen samen de trein nemen?

200

VOORSTEL: deze week naar de fitness gaan

Zullen we deze week naar de fitness gaan?

200

WENS: een nieuwe jas kopen

Ik zou graag een nieuwe jas kopen.

Ik zou een nieuwe jas willen kopen.

200

TOEKOMST: veel Nederland studeren

Ik zal veel Nederlands studeren.

200

TOEKOMST: de kleren wassen

Ik zal de kleren wassen.

300

TOEKOMST: morgen naar de markt

Ik zal morgen naar de markt gaan.

300

TOEKOMST: morgen naar de cinema gaan.

Ik zal morgen naar de cinema gaan.

300

TOEKOMST: de muren van het huis behangen

Ik zal de muren van het huis behangen.

300

WENS: koekjes bakken

Ik zou graag koekjes bakken.

Ik zou koekjes willen bakken.

400

VOORSTEL: morgen gaan zwemmen

Zullen we morgen gaan zwemmen?

400

VOORSTEL: morgenavond op restaurant gaan

Zullen we morgenavond op restaurant gaan?

400

VOORSTEL: overmorgen boodschappen doen

Zullen we overmorgen boodschappen doen?

400

WENS: op vakantie gaan

Ik zou op vakantie willen gaan.

Ik zou graag op vakantie gaan.

500

WENS: naar de zee gaan

Ik zou naar de zee willen gaan.

Ik zou graag naar de zee gaan.

500

TOEKOMST: deze avond koken

Ik zal deze avond koken.

500

WENS: perfect Nederlands praten

Ik zou perfect Nederlands willen praten.

Ik zou graag perfect Nederlands praten.

500

VOORSTEL: morgen met de fiets naar Kortrijk rijden

Zullen we morgen met de fiets naar Kortrijk rijden?

M
e
n
u