Vul een correct woord i.v.m. slapen in.
Let bij de verba op de vorm en de tijd.
Vul een correct woord i.v.m. slapen in.
Let bij de verba op de vorm en de tijd.
Moet je 'te' in de zin toevoegen of niet?
Moet je 'te' in de zin toevoegen of niet?
Geef advies met 'in plaats van'.
100

Mijn man______ ’s nachts heel luid.


(verbum)

snurkt 

(ook correct: ademt)

100

Hij drukte op de snooze van de _____________om nog tien minuten te slapen.


(substantief)

wekker

100

Ze besloot een middagdutje doen.

Ze besloot een middagdutje te doen. 


100

Hij durfde ’s nachts niet alleen in het donker slapen.

Hij durfde ’s nachts niet alleen in het donker (te) slapen.


(bij durven :  'te' is optioneel) 

100

's avonds koffie drinken > kruidenthee drinken

In plaats van ’s avonds veel koffie te drinken, zou je beter kruidenthee drinken.

200

Ik ga vanmiddag een uur __________________, want ik ben vannacht heel vaak wakker geworden dus heb onvoldoende geslapen. 


(verbum) 

bijslapen / een dutje doen 

200

Ik was deze ochtend vroeg wakker omdat ik door lawaai op straat ________________ . 

(verbum)

wakker werd 

200

De dokter raadde hem aan eerder gaan slapen.

De dokter raadde hem aan eerder te gaan slapen. 

200

Hij vergeet vaak op tijd naar bed gaan.

Hij vergeet vaak op tijd naar bed te gaan. 

200

over je werk stressen > ontspanningsoefeningen doen

In plaats van te stressen over je werk ’s avonds, zou je beter ontspanningsoefeningen doen.

300

Toen Alice zwanger was, kon ze moeilijk de slaap vatten omdat zij over de bevalling _________________ .  

(verbum)

piekerde 

300

Ik moet dringend mijn slaapprobleem ______________ omdat ik meer moet slapen om te kunnen functioneren. 


(verbum) 

aanpakken (een probleem aanpakken) 

300

Wij zullen in het weekend uitslapen. 

Wij zullen in het weekend uitslapen. 


(verandert niet: modaal verbum + geen 'te') 

300

Hij blijft de hele middag in zijn bed liggen omdat hij erg moe is.

Hij blijft de hele middag in zijn bed liggen omdat hij erg moe is.  

(verander niet: blijven + geen 'te')

300

laat opblijven   -> vroeg naar bed gaan

In plaats van laat op te blijven, zou je beter vroeg naar bed gaan.

400

Ik heb een _______________ aan slaap omdat ik maar twee uur per nacht slaap. 


(substantief) 

tekort

400

Ik lig meestal 25 minuten in bed voordat ik __________________________. 


(verbum)

in slaap val  / de slaap vat. 

400

Ik hoor hem altijd snurken. 

Ik hoor hem altijd snurken.


(verandert niet: horen+ geen 'te')

400

Ze liet haar partner uitslapen in het weekend.

Ze liet haar partner uitslapen in het weekend. 


(verandert niet: laten + geen 'te') 

400

je telefoon naar bed meenemen > je telefoon in de keuken laten

In plaats van je telefoon mee naar bed te nemen, zou je beter je telefoon in de keuken laten.  

500

Mijn kind ________________________________ : hij wordt 's nachts niet meer wakker dus kunnen wij, de ouders, ook beter slapen. 

(verbum) 

slaapt (aan een stuk) door. 

500

Ik kan ’s avonds niet stil in bed liggen, mijn benen bewegen steeds vanzelf dus ik heb last van _____________benen


(adjectief) 

rusteloze

500
Mijn mama wenst morgenvroeg uitslapen dus ik zal haar niet lastigvallen.

Mijn mama wenst morgenvroeg uit te slapen dus ik zal haar niet lastigvallen.


wenst + te infinitief 

zal + infinitief = verander niet (modaal verbum)  

500

Je mag vandaag wat langer blijven liggen omdat je hoopt bijslapen. 

Je mag vandaag wat langer blijven liggen omdat je hoopt bij te slapen. 


(mag + infinitieven zonder 'te' = modaal verbum) 

(hoopt + te + infinitief) 

500

piekeren > gedachten opschrijven 

In plaats van te piekeren, zou je beter je gedachten opschrijven. 

M
e
n
u