Perfectum
Hobby
Talent
100

winkelen

ik

ik heb gewinkeld.

100

Maak een goede zin.

ik - graag - . - 'fietsen'

ik fiets graag

100

Maak een goede zin.

de lerares - goed - koken - kan - .

De lerares kan goed koken.

200

wandelen

ik

ik heb gewandeld.

200

Maak een goede zin.

'slapen' - graag - jij - .

jij slaapt graag.

200

Maak een goede zin.

goed - slapen - kan - de baby - .

De baby kan goed slapen.

300

eten

jij

jij hebt gegeten.

300

Maak een goede zin.

graag - een boek - 'lezen' - zij - .

Zij leest graag een boek.

300

Maak een goede zin.

met de auto - hij - rijden - goed - kan - .

Hij kan goed met de auto rijden.

400

kopen

wij

wij hebben gekocht.

400

Maak een goede zin.

met de kinderen - 'spelen' - graag - mama- .

Mama speelt graag met de kinderen.

400

Maak een goede zin.

Nederlands - goed - kunnen - spreken - de cursisten - .

De cursisten kunnen goed Nederlands spreken.

500

zijn

hij

hij is geweest.

500

Maak een goede zin.

koffie - graag - drinken - wij - .

Wij drinken graag koffie.

500

Maak een goede zin.

het huis - kan - hij - poetsen - . - goed

Hij kan het huis goed poetsen.