Afval
Energie
Water
Schoonmaak
Catering
100

Noem één soort afval die je kunt scheiden op school of op je stageplek.

Papier / Plastic / GFT / Restafval
100

Noem één voorbeeld van energieverbruik in een gebouw.

Verlichting / verwarming / computers / airco.

100

Waar gebruiken we water in een gebouw?

Toiletten / kranen / schoonmaak / keuken.

100

Noem één taak binnen facilitaire schoonmaak.

Schoonmaken van lokalen, toiletten, gangen, kantines.

100

Noem één voorbeeld van catering op school of op je stageplek.

Kantine / koffieautomaat / lunch / drankvoorziening / bistro

200

Waarom is afval scheiden duurzaam?

Het zorgt voor minder afval, meer hergebruik en minder milieubelasting.

200

Wat is duurzamer: lampen laten branden of uitdoen in lege ruimtes?

Lampen uitdoen.

200

Waarom is water besparen belangrijk?

Water kost energie om te zuiveren en te verwarmen. 

200

Waarom is te veel schoonmaakmiddel niet duurzaam?

Slecht voor milieu, verspilling, onnodig gebruik van middelen.

200

Wat is duurzamer: herbruikbare bekers of wegwerpbekers?

Herbruikbare bekers.

300

Noem één voorbeeld van niet-duurzaam afvalgebruik op de werkvloer.

Alles in één prullenbak / veel wegwerpbekers / overvolle bakken.

300

Waarom is LED-verlichting duurzamer dan gewone verlichting?

Gebruikt minder energie en gaat langer mee.

300

Noem één voorbeeld van water verspillen.

Lekkende kraan / toilet dat blijft doorlopen.

300

Wat betekent ‘juiste dosering’ bij schoonmaken?

Niet te veel en niet te weinig schoonmaakmiddel gebruiken.

300

Noem één voorbeeld van niet-duurzame catering.

Veel voedsel weggooien / alles individueel verpakt / plastic flesjes.

400

Wat kan een facilitair medewerker doen om afvalscheiding te verbeteren?

Duidelijke afvalbakken plaatsen, labels gebruiken, uitleg geven.

400

Noem één situatie op de werkvloer die energie verspilt.

Verwarming hoog met raam open / apparatuur aan laten staan.

400

Noem één duurzame maatregel om water te besparen.

Waterbesparende kranen / spaarknoppen / lekkages melden.

400

Noem één duurzaam alternatief voor wegwerp schoonmaakmateriaal.

Herbruikbare doeken / microvezeldoeken

400

Noem één manier om voedselverspilling te verminderen.

Betere planning, kleinere porties, restverwerking.

500

Noem één manier om afval te verminderen in plaats van alleen te scheiden.

Minder wegwerp, herbruikbare materialen, minder verspilling.

500

Wie heeft invloed op energiebesparing op de werkvloer?

Iedereen

500

Hoe kun jij als stagiair bijdragen aan waterbesparing?

Observeren, melden, bewust omgaan met water.

500

Wat kan er misgaan als er altijd “extra sterk” wordt schoongemaakt?

Milieuschade, gezondheidsrisico’s, verspilling

500

Noem één duurzame keuze die je als facilitair medewerker kunt stimuleren bij catering.

Minder wegwerp, herbruikbare materialen, bewust inkopen.