Hoofdletters
Zinsleer
Nieuwsberichten
Sociale media
Woordenschat
100

Verbeter indien nodig: 

de belgische kust

De Belgische kust

100

Hoe vind ik de persoonsvorm in een zin? 

Ja/nee-vraag > pv staat op de eerste plaats

100

Wat is het tekstdoel van een nieuwsbericht? 

Informeren

100

Geef de definitie van het woord: 

revolutie 

Een plotse, grote verandering die alles op z'n kop zet.

100

Geef de definitie: 

de waaghals 

Een roekeloos iemand, iemand die veel durft. 
200

Moet maandag met een hoofdletter? 

Nee, maandag schrijf je met een kleine letter

200

Werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde? 

De soep van mijn oma is altijd heel lekker. 

Naamwoordelijk gezegde 

NWD: heel lekker


200

Wat is de hoofdgedachte van een tekst? 

De belangrijkste boodschap van een tekst. (Altijd een zin ;)

200

Wat is een leenwoord? 

Een woord dat uit een andere taal is overgenomen. vb. Content creators, influencers...

200
Geef de definitie: 


desolaat

verlaten, troosteloos

300

Verbeter indien fout: 

kerstcadeau

Dit is juist, kerstcadeau schrijf je met een kleine letter. 

300

Welke zinsdelen vind je in deze zin: 

Tom geeft zijn zus een cadeau. 

Tom = Onderwerp

geeft = PV

zijn zus = MV 

een cadeau = LV 

300

Hoe noemen we de titel van een nieuwsbericht? 

De kop. 

300

Wat is een kernzin? 

De zin die de belangrijkste informatie samenvat. 

300

Geef de definitie: 

Mondiaal 


Wereldwijd, over de hele wereld. 

400

Juist of fout? 

Februari

Fout, maanden schrijven we niet met een hoofdletter in het Nederlands. 

400

Welk zinsdeel heb ik nooit in een naamwoordelijk gezegde? 

een lijdend voorwerp

400

Wat is het gevaar van te veel bijvoeglijke naamwoorden gebruiken in je tekst? 

De tekst wordt te subjectief. 

400

Welke tekststructuur herken je? 

Vroeger gebruikten jongeren sms'jes om met elkaar te communiceren. Daarentegen gebruiken ze tegenwoordig vooral sociale media om met elkaar te chatten. 

Vergelijkende tekststructuur

400

Geef de twee betekenissen van van het woord: 

globaal

1. over de hele wereld verspreid 

2. in grote lijnen/ niet gedetailleerd

500

Zoek alle fouten in deze zin: 

vorige zomer bezocht ik parijs met mijn broer tom.

Verbetering: Vorige zomer bezocht ik Parijs met mijn broer Tom. 

500

Hoe herken ik het voorzetselvoorwerp in een zin? 

1. het zinsdeel begint met een voorzetsel.

2. het voorzetsel hoort vast bij het werkwoord. 

3. Het heeft geen letterlijke betekenis. 


500

Benoem de drie taaltechnieken om een nieuwsbericht aantrekkelijk te maken. 

1. herhaling vermijden door synoniemen en verwijswoorden te gebruiken. 

2. concrete werkwoorden gebruiken (geen loperwerkwoorden). 

3. bijvoeglijke naamwoorden gebruiken. 

500

Wat is een alinea? 

Een groep zinnen die over hetzelfde deelonderwerp gaat.

500

Geef de definitie: 

Uit roulatie nemen

niet meer gebruiken, niet meer verkopen