beetje van alles 1
beetje van alles 2
beetje van alles 3
de kleuter
100

Een blijvende neiging om met een bepaalde emotie op een prikkel te reageren. 

temperament

100

Het positieve of negatieve oordeel die je geeft aan wat je over jezelf weet.

zelfwaardering 

100

De manier waarop we aan de buitenwereld tonen wie we zijn. 

identiteit

100

Hoe heet de tweede fase in de cognitieve ontwikkeling volgens Piaget?

preoperationele fase
200

Orden de volgende zaken volgens stabiliteit: 

persoonlijkheid   - zelfbeeld - temperament 

zelfbeeld (minst) - persoonlijkheid - temperament (meest)

200

Wat houdt sociale vergelijking in en waar past het bij? 

kijken naar anderen om te zien hoe goed/niet goed we zijn in bepaalde zaken

een invloed op het zelfbeeld. 

200

Een identiteit bestaat uit meerdere rollen bv: Belg zijn, leerling 3HW, dochter, katholiek. Dit heten we... 

een gelaagde identiteit

200

Wanneer je denkt volgens je gevoel, je niet analyseert en niet vooruit plant. 

intuïtief denken

300

Geef vier factoren die het zelfbeeld beïnvloeden. 

omgeving

leeftijd

geslacht

opvoeding

stereotypen

300

Hoe kan het zelfbeeld zich verhouden tot de werkelijkheid? Geef de drie opties. Tip: het heeft een invloed op je zelfvertrouwen.

te laag of te negatief zelfbeeld

realistisch zelfbeeld

te hoog of te positief

300

Wat weet je over de invloed van nature en nurture op de persoonlijkheid? 

grotendeels aangeboren, maar de omgeving versterkt of verzwakt een eigenschap in de loop van het leven.

300

Welke twee kenmerken telt de fysieke ontwikkeling van een kleuter?

vloeiendere bewegingen

beter evenwicht