The passive
Imperative (gebiedende wijs)
Short yes/no questions
Word order
Vocabulary
100

Passive or active?

You have done enough now!

Active

100

Maak een imperative van deze zin:

You must open your book.

Open your book

100

Geef het korte antwoord op deze vraag:

Does Emma play tennis? (ja)

Yes, she does.

100

Wat voor soort bijwoord staat er in deze zin?

She always drinks tea.

A) Bijwoord van frequentie

B) Bijwoord van plaats

C) Bijwoord van tijd

A) Bijwoord van frequentie

100

Geef de vertaling van dit woord:

Lobster

Kreeft

200

Verbeter de fout in deze zin:

The class were taught by the teacher.

The class WAS taught by the teacher.

200

Verbeter de fout:

Don't to run in the hallway.

Don't run in the hallway.

200

Geef het korte antwoord op deze vraag:

Can Tom and Sarah swim? (ja)

Yes, they can.

200

Vul het bijwoord op de juiste plek in.

Tom is late. (often)

Tom is OFTEN late.
200

Geef de vertaling van dit woord:

Politiebureau

Police station

300

Zijn deze zinnen active of passive?

1. The car was driven by my dad.

2. He is dying to see you!

3. I was seen by him yesterday.

1. passive

2. active

3. passive

300

Hoe maak je een imperative ontkennend/negatief?

Door "don't" voor het werkwoord te zetten.

300

Verbeter het foutieve antwoord.

Are you tired?
Yes, I am tired.

Yes, I am.

300

Zoek de fout en verbeter de zin.

I went yesterday to the cinema.

I went to the cinema yesterday.

300

Geef de vertaling van deze 2 woorden:

trail / prohibited

pad / verboden

400

Aan welke werkwoorden kan je de passive herkennen

(beide delen moeten goed zijn)

Vorm van to be (am/is/are/was/were) + voltooid deelwoord

400

Maak deze imperative vriendelijker:

Sit down.

Sit down, please.

400

Geef antwoord op de vraag:

Will Lisa help us tomorrow? (nee)

No, she won't.

400

Zet de woorden in de juiste volgorde.

France / travelled / last summer / to / we

We travelled to France last summer.

400

Geef de vertaling van dit woord:

Roekeloos

Recklessly

500

Maak deze zin passief:

My best friend invited me to the party.

I was invited to the party (by my best friend).

500

Vertaal naar correct Engels met een vriendelijke negatieve imperative: 

Gebruik alsjeblieft niet je telefoon tijdens de les.

Please don't use your phone during class.

OR: Don't use your phone during class, please.

500

Welke twee dingen heb je nodig om een kort yes/no-antwoord te maken?

Een voornaamwoord en het eerste werkwoord uit de vraag.

500

Waarom is deze zin fout?

I fixed my bike yesterday in front of the shed.

Omdat als plaats en tijd allebei aan het einde van de zin staan, plaats vóór tijd moet komen.

500

Geef de vertaling van deze 2 woorden:

zeehond / afgelegen

seal / remote