Literature
Literary words
Science
Linking words
Exam words
100

First person perspective

I-perspective, verhaal wordt verteld vanuit de ik-persoon

100

Literary device

Stijlfiguur

100

To assemble

A. Verdrijven

B. In elkaar zetten

C. Uit elkaar halen

B. In elkaar zetten

100

Likewise

Op dezelfde manier, evenzo

100

To capture

Samenvatten, vangen

200

Foreshadowing

Little hints are given about what is going to happen in the future / later on in the story.

200

Omniscient

Alwetend (you get to know the thoughts and feelings of all characters in Omniscient 3th person perspective.

200

Appliance

apparaat

200
Due to

vanwege

200

To contradict

Tegenspreken

300

Protagonist

Main character, hoofdpersoon van een verhaal.

300

Plot

Verhaallijn, sequence of events

300

To deter

afschrikken, weerhouden

300

With regards to

Met betrekking tot

300

To elaborate on

verder ingaan op

400

Theme

Thema, belangrijke boodschap of diepere betekenis van een verhaal of gedicht.

400

Preface

Voorwoord

400

Opponent

Tegenstander, vijand

400

Unless

tenzij

400

Matter-of-fact

Zakelijk, praktisch

500

Symbol

een teken, voorwerp, figuur of kleur dat een abstract begrip, emotie of idee voorstelt. Iets dat staat voor iets anders. (voorbeeld: Rode roos voor de liefde).

500

Simile

Vergelijking (van twee verschillende dingen waarbij gebruik wordt gemaakt van as or like, om iets duidelijk te maken)

500

To implement

Uitvoeren

500

Hence

Vandaar

500

To serve to

dienen om, als doel hebben om