
de vraag: hoe gaat het met jou?
het antwoord: Het gaat niet (zo) goed.
Het gaat wel.
Het gaat (heel) goed.
(talen)
de vraag: Welke talen spreek jij?
het antwoord: Ik spreek Arabisch/Nederlands/Engels/Frans/Spaans/Igbo/Oekraïens/ Turks/ Duits/Tagalog/Russisch/Kirundi/Portugees...
kinderen?
de vraag: Heb jij kinderen?
het antwoord:
Ja, ik heb kinderen.
Ik heb 1 zoon/dochter. Ik heb .... zonen/ dochters
Nee, ik heb geen kinderen maar ik ben zwanger/ mijn vriendin/vrouw is zwanger.
Nee, ik heb geen kinderen.
(familienaam+spelling)
de vraag: Wat is jouw/je familienaam?
Hoe spel je dat? / Kan je dat spellen?
het antwoord: Mijn familienaam is ....
Dat spel je.....
(naam?)
de vraag: Hoe heet jij? / Wat is jouw naam?
het antwoord: Ik heet [x]. / Mijn naam is [x].
(transport naar het werk?)
de vraag: Hoe ga jij naar het werk?
het antwoord: Ik ga te voet naar het werk.
Ik ga met de bus/met de trein/met de metro/ met de auto/met de fiets naar het werk.
Ik werk van thuis uit.
Ik werk niet.
(beroep)
de vraag: Wat is jouw beroep?
het antwoord: Ik ben [beroep].
(nationaliteit)
de vraag: Wat is jouw/ je nationaliteit?
het antwoord: Mijn nationaliteit is Belgisch/Oekraïens/Turks/Syrisch/Nigeriaans/Palestijns/Frans/Brits/Amerikaans/Russisch/Burundees/Marokkaans/ Mexicaans/Puerto Ricaans/Spaans/Braziliaans/Tsjetsjeens...
(land?)
de vraag: Uit welk land kom jij?
het antwoord: Ik kom uit [land].
(e-mailadres?)
de vraag: Wat is jouw/je e-mailadres?
het antwoord: Mijn e-mailadres is ......
(@= at . = punt)
(woonplaats)
de vraag: Waar woon jij?
antwoord: Ik woon in ....
burgerlijke staat?
de vraag: Ben jij getrouwd?
het antwoord: + Ja, ik ben getrouwd.
- Nee, ik ben niet getrouwd.
Ik woon samen met mijn vriend(in).
Ik heb een vriend(in)/lief.
Ik ben single/alleenstaand/vrijgezel.
Ik ben gescheiden.
(periode in België?)
de vraag: Hoelang woon/ben jij (al) in België?
het antwoord:
Ik woon/ben (al/nog maar) ..... dagen/maanden/jaar in België.
(leeftijd?)
de vraag: Hoe oud ben jij?
het antwoord: Ik ben ..... jaar oud.
(verjaardag)
de vraag: Wanneer verjaar jij?
het antwoord: Ik verjaar op [dag+ maand].
(geboortedatum?)
de vraag:
Wanneer ben jij geboren? / Wat is jouw geboortedatum?
het antwoord:
Ik ben geboren op [dag/maand/jaar].
Mijn geboortedatum is [dag/maand/jaar].